Vleermuizen Utrecht

Vanavond met 15 enthousiaste vleermuisdeskundigen besproken wat we dit jaar aan vleermuisinventarisaties in de provincie Utrecht kunnen doen. Zoogdieratlas Utrecht heeft veel waarnemingen opgeleverd, maar er zijn toch gebieden waar we niets over weten. Hoe brengen we daar verandering in?

Het plan is om dit jaar in ieder geval monstertochten en excursies te organiseren. Bij de monstertochten wordt met auto of fiets een gebied doorkruist, terwijl met de batdetector naar vleermuizen wordt geluisterd. Om zo veel mogelijk soorten te scoren moet bij de uitvoering het volgende in acht worden genomen:

  • bij voorkeur wordt met twee of drie  batdetectoren gewerkt, waarvan de één op 40 kHz is afgesteld en de ander op 25 kHz. Heb je nog een derde, stem die dan af op 60 Khz;
  • bij wateren wordt 3 minuten gestopt om naar water- en meervleermuizen te luisteren;
  • leg de gevolgde route en de start en eindtijd vast, zodat bekend is welke km-hokken zijn onderzocht. Tevens kan dezelfde route na enkele jaren opnieuw worden gevolgd om eventuele veranderingen in de vleermuispopulatie te achterhalen;
  • geluiden van rosse vleermuizen, laatvliegers en hoog roepende dwergvleermuizen worden opgenomen, omdat het heel misschien tweekleurige vleermuizen of kleine dwergvleermuizen kunnen zijn;
  • ook als een franjestaart wordt gehoord moet hiervan het geluid worden opgenomen.
Vleermuiswaarnemingen in Utrecht in zomerhalfjaar, per km-hok.

Groen: km-hokken waar vleermuizen in de periode 2000-2011 in het zomerhalfjaar zijn waargenomen; Rood: km-hokken waar vleermuizen in de periode voor 2000 in het zomerhalfjaar zijn waargenomen en daarna nog niet; Leeg: km-hokken waarvan nog helemaal geen waarnemingen beschikbaar zijn. (Klik voor een uitvergroting)

In de bossen op de Utrechtse Heuvelrug is het niet mogelijk om overal met auto of fiets te komen. Om de vleermuizen hier in kaart te brengen worden groepjes gevormd die gezamenlijk een deel van het bos met een batdetector wandelend doorkruisen. In elk groepje zitten een paar ervaren vleermuisinventariseerders. Anderen kunnen zich naar believen aansluiten, tot een bepaald maximum per groep.

Om te bepalen welke gebieden voorrang moeten krijgen is uitgezocht waar in de periode 2000-2011 waarnemingen van vleermuizen zijn gedaan en waar niet. Dat leverde de bijgevoegde kaart op. Nu is het zaak om voldoende mensen te vinden om in groepsverband de gebieden te inventariseren. Een oproep hiervoor gaat binenkort de deur uit.

Klik hier voor een PDF-bestand met waarnemingen per vleermuissoort.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *